One Trick Ponies

Na tien jaar met veel plezier bij Placebo te hebben gespeeld, ben ik sinds de zomer clubloos. Ik ben inmiddels wel een groep in Haarlem gaan trainen, dus ben nog steeds elke dinsdagavond van huis, maar het is wel wat dichterbij en daardoor heb ik thuis nèt even wat meer tijd, om de kinderen op bed te leggen voordat ik weer de deur uit ga.

De afgelopen jaren heb ik gerechterd op het Nederlands Theatersport Toernooi (en 1x zelf meegedaan met Placebo, natuurlijk). Maar dit jaar is het toch weer gaan kriebelen. Om toch een keer te kunnen spelen dit jaar heb ik drie vrienden opgetrommeld, en vormen we nu samen de One Trick Ponies. Een gelegenheids-team, maar wel met allemaal mensen met wie ik al vaak heb gespeeld. Juist dat we elkaar al kennen en weten hoe we spelen verhoogt denk ik onze kansen. Ik heb niet de illusie dat we kampioen zullen worden, maar heb er wel veel zin in. Een paar weken voor het toernooi een dagje bootcampen om weer even op elkaar ingespeeld te raken, en dan in het tweede weekend van maart vlammen!

Kane

Kane

Een paar weken geleden was ik rechter op het Nederlands Theatersport Toernooi. In twee dagen zag ik ruim tien uur theatersport voorbijkomen, van wisselende kwaliteit. Ik zag teams ten onder gaan door de druk, en andere teams boven zich uitstijgen dankzij een hele fijne tegenstander.

Na de voorrondes die redelijk slopend waren kwamen de kwartfinales. Mijn rechtersteam had een kwartfinale gekregen en we hadden het geluk om de winnaar van vorig jaar in onze kwartfinale te hebben. Man Met Snor, een Fries team met enkele oud-studentenkampioenen moest het vooral hebben van de tomeloze energie en de bizarre games die ze tevoorschijn haalden. In de kwartfinale lieten ze zien ook mooie verhalende scènes te kunnen spelen en het bleef lang spannend. Maar toen ze als laatste game de ‘Kane’ tevoorschijn haalden werd het duidelijk: deze jongens gingen door naar de halve finale.

De Kane is een echte gimmick-game, dus je moet hem niet te vaak zien of spelen. De grootste kracht zit hem in het voor het eerst zien. Hij gaat namelijk zo: een van de spelers in de scène heeftde handicap dat hij altijd met de stem van Dinand Woesthoff moet praten. Dus met een beetje een hete aardappel en veel ge-yeah, ge-come on en ge-all right. Zodra een van de medespelers hierom moet lachen, neemt hij de handicap over en is hij de Kane. Simpeler gezegd dan gedaan, en je moet hem echt een keer gezien hebben om het te kunnen begrijpen. Ik lag in elk geval helemaal dubbel door de Kane.