Duurt Lang

27.04.2014 | 0 reacties
Bart-Jan | Bart-Jan Kazemier
Tweet this | Share this | Pin It

Disco, gastblog, live recensie
, , , , ,

De Discografie van Broken Bells

27.04.2014 | Bart-Jan | Bart-Jan Kazemier

BrokenBellsIMG_1691

‘After The Disco’ heet het tweede album van Broken Bells, het samenwerkingsverband tussen Shins-voorman James Mercer en producer Brian ‘Danger Mouse’ Burton. Een vreemde combinatie zou je denken, maar dat het werkt, indie en futuristische electro, dat bewees het duo al in 2010 met het debuutalbum ‘Broken Bells’, waarmee het veel lof (o.a. een Grammy-nominatie) oogstte. Het wachten was op de opvolger en die heet dus niet voor niks zo. ‘Disco’ is het motief dat de twee multi-instrumentalisten door het hele album weefden.

We horen een beetje Bee Gees, een beetje ABBA met een donker sausje, de Beatles, een beetje… ja wat is het eigenlijk? Dat is nou Broken Bells. Luister naar het eerste nummer Perfect World van het nieuwste album en je begrijpt het. De band van vier, Mercer en Burton plus een drummer/bassist en een toetsenist/gitarist, opent er de avond in de Melkweg mee, met op de achtergrond een hallucinerende projectie van een vlucht door de ruimte, langs planeten en sterren. Een typische Broken Bells-productie met een uptempo beat, een synthesizer en een herkenbare melodielijn, aangevuld met een neuriënd koortje en een Shins-gitaarrif.

Mercer spreekt af en toe kort het publiek toe, maar het is duidelijk dat de muzikanten hebben besloten om er een strakke show van te maken, zonder te veel uitstapjes. Het werkt; de gekke, witte frames om de keyboards, de science-fiction dome in het midden van het podium, de vervreemdende animaties en schaduwen die tegen de achterwand worden geworpen, de uitgekiende lichtshow: er is echt over nagedacht. Het voelt al met al alsof je op een jaren tachtig-feestje bent beland, maar dan in 2035. Een beetje bizar, maar op een coole manier.

Belangrijker nog voor het concept en voor de luisteraar: het viertal weet het complexe geluid van het album (waarop Burton en Mercer alles zelf hebben ingespeeld) heel knap te benaderen. Dat geldt trouwens voor beide albums, want Broken Bells heeft een volle setlist samengesteld: 22 nummers bracht het duo tot zover uit en daarvan speelt het er in de Melkweg maar liefst 17. We horen onder andere The High Road, The Ghost Inside en Mongrel Heart van het oude album en van de nieuwe, eerlijke gezegd wel minder overtuigende plaat, het nummer Medicine, waarop Brian Burton aan het slot nog even op een xylofoontje tingelt. Een leuke verrassing halverwege is Meyrin Fields, dat in 2011 als EP werd uitgebracht. Ook al zo’n nummer met een vreemd, maar cool smaakje.

Een fijn concert om bij te wonen. Strak gespeeld en heel zuiver gezongen. Anderhalf uur kon er lekker gedanst worden en waren bijna alle nummers te horen die Broken Bells tot op heden heeft geschreven. En dat allemaal in een paars-roze disco-haze. Dan is er maar één woord dat me te binnen schiet: discografie. Voor nu was het heel feestelijk en gingen we met een prettig gevoel naar huis. Maar ik zie persoonlijk wel uit naar wat de band daadwerkelijk After The Disco gaat maken. Is het allerlaatste nummer van het album, The Remains Of Rock & Roll, een muzikale hint?

Gezien: Broken Bells in Melkweg The Max, dinsdag 1 april 2014

26.03.2012 | 1 reactie
Bart-Jan | Bart-Jan Kazemier
Tweet this | Share this | Pin It

gastblog, live recensie
, , , , , , , , , , , ,

[live] The Shins rocken nog!

26.03.2012 | Bart-Jan | Bart-Jan Kazemier

Vijf jaar na hun laatste album ‘Wincing The Night Away’ zijn The Shins terug. Hun nieuwste productie getiteld ‘Port of Morrow‘ verscheen eerder deze maand op het label Columbia. Dit label bracht in 2010 het album van Broken Bells, de succesvolle samenwerking tussen Shins-frontman James Mercer en producent Danger Mouse. Bij Columbia zal een nog breder publiek in contact kunnen komen met muziek van The Shins.

De breuk met het Sub Pop-label twee jaar geleden bleek de aankondiging van meer veranderingen voor Mercer en zijn band, die in 2012 een voorlopig eindstadium hebben bereikt. Een nieuwe samenstelling, waarbij alleen de frontman aanbleef, een nieuw geluid zonder de hoekige rifjes, mét electro, hapklare refreinen en zelfs hier en daar een koortje.

Recensenten konden het opzichtige aanschuren tegen de popmuziek op Port of Morrow niet allemaal even goed waarderen. En voor de fans van het eerste uur moet het wel een beetje schrikken zijn geweest, de dreigende afslag naar de mainstream. Dat weerhield de volgers van de band er echter niet van om massaal naar de Melkweg te komen om het eerste Nederlandse Shins-concert in vijf jaar te bezoeken. Want het blijft natuurlijk een bijzonderheid, deze indie- rockpioniers te zien, ookal is voor de puristen de band niet meer hetzelfde.

Met Kissing The Lipless van het album Chutes Too Narrow (2003) als energieke opener, gevolgd door een andere klassieker, Caring Is Creepy van hun debuutalbum Oh Inverted World! (2001) zetten The Shins de toon voor de avond. Stevig, enthousiast, strak en luid, dat is hoe The Shins wilden klinken. Compact, no-nonsense en allesbehalve gladjes. Het leek alsof de band muzikaal iets recht te zetten had ten opzichte van de kritiek op Port of Morrow. Modest Mouse-drummer Joe Plummer nam hierin het voortouw, aangevuld door de bassist van Chrystal Skulls, Yuuki Matthews en toetsenist Richard Swift. Gitariste Jessica Dobson, in haar spel dienend en recht-toe-recht-aan, zocht nadrukkelijk contact met het publiek. Toen tijdens Bait And Switch, van het laatste album, een glimlach doorbrak op het gezicht van Mercer, werd ook het spelplezier van de band zichtbaar. Een hecht collectief, ookal zijn ze overal vandaan geplukt, dat is wat de zanger heeft gesmeed voor deze tour: een collectief dat kan rocken.

Probleemloos vermengde de band het oude werk met de nieuwe nummers, die veel krachtiger klonken zonder de zoete opsmuk van het album. ‘I’m feathering them in,’ zei de zanger over de nieuwe aanwinsten. Inderdaad, hij deed het met beleid. Na twee nummers van Wincing The Night Away en het weeskindje Sphagnum Esplanade, speelde de band het eerste en beste nummer van Port of Morrow, The Rifle’s Spiral, een instant Shinsklassieker. September, No Way Down en It’s Only Life zijn wat zoetige niemendalletjes, maar het publiek ontving het nieuwe werk welwillend. New Slang en een heerlijk uitgerekte versie van knaller Sleeping Lessons vormden een fijne afsluiter vóór de toegift. Die bestond uit een mooie akoestische versie van Young Pilgrims, Mercers persoonlijk favoriet titelsong Port Of Morrow en tot slot One By One All Day, wederom van het debuutalbum.

Al met al een zeer gevarieerde avond die volledig in balans was. De uitgekiende opbouw, de sound en het aanstekelijke enthousiasme zorgden ervoor dat De Melkweg het erg naar zijn zin had; iedereen kreeg waarvoor hij of zij was gekomen.
You’re not invisible now | You just don’t exist‘, het gaat nog niet helemaal op wat Mercer zingt op Rifle’s Spiral. Met dit optreden lieten The Shins zien dat ze er wel degelijk nog zijn en dat ze de rock nog lang niet vaarwel hebben gezegd.

The Shins – Young Pilgrims (live, Melkweg 25/03/2012)