ADE: de laatste twee dagen

Vrijdagochtend begon dag drie van ADE. In de Balie begonnen we met een presentatie over Pitchfork, een van de belangrijkste muzieksites, dankzij hun ratings en jarenlange relevantie. Chris Kaskie vertelde over de achtergrond, dat Pitchfork vernoemd is naar een tattoo van Tony Montana uit Scarface, en hoe ze werken. Pitchfork heeft zo’n 30 medewerkers, werkt veel met freelancers en staat geen commentaar toe. Ze faciliteren het gesprek dat ergens anders plaatsvindt. Een bijzondere gedachte in deze tijd. Daarnaast vertelt hij dat ze langzaam willen groeien (“I don’t want to sit on a rocket but on a boat”) en dat ze heel zorgvuldig omgaan met hun verantwoordelijkheid. Met een groot bereik heb je vrij veel macht, en ze kijken goed uit bij doorbrekende bandjes zodat die niet meteen helemaal overspoeld worden. Hij sluit af met het idee dat alles wat je uitprint het waard moet zijn om op je boekenplank te eindigen.

Hierna snel naar Felix Meritis gefietst om de discussie Push The Sync Button bij te wonen. Wederom onder leiding van Dave Clarke was er een panel belanghebbenden die allemaal iets te zeggen hadden over de vooruitgang van de techniek. De conclusie van het gesprek was dat er altijd romantici zullen zijn die vast blijven houden aan het ambacht van plaatjes aan elkaar draaien, maar dat er ook een generatie opgroeit die met een druk op de knop naadloze overgangen kan maken. Uiteindelijk is de kracht van een DJ dus vooral dat hij de juiste plaat op het juiste moment weet te vinden. Een mooie one-liner kwam van Rik Parkinson van Pioneer: “Everybody uses speelcheck these days, so why not use the sync button?”.

Na deze discussie gingen we weer terug naar de Balie voor de State Of The Blogs. Hier verwachtte ik vrij veel van, er werden vier Nederlandse muziekbloggers (wij niet) geïnterviewd door Job de Wit van DJBroadcast over hun blogs. Weinig nieuwe dingen gehoord. Gijs van Crazybirds koos ervoor om in het Engels te schrijven om zijn bereik te vergroten. Iets waar ik ook wel over heb nagedacht, maar waar ik bewust nee tegen zeg. In het Nederlands kan ik me beter uiten en ik schrijf voornamelijk voor mijn vrienden, die op een paar uitzonderingen na allemaal Nederlands zijn. Het bracht ons wel op het idee om weer wat verder na te denken over een redesign. Maar daar zullen we je voorlopig nog even niks over vertellen.

Zaterdagochtend begon goed uitgeslapen om een uur bij Vodafone Firestarters. Een onderhoudende sessie over muziek in games en op TV. Een opvallende conclusie is dat muziek in games in Noord-Amerika meer rock-georiënteerd is en in Europa juist meer dance-georiënteerd. Logisch eigenlijk, maar nooit echt over nagedacht. Ook is het maken van muziek voor games een andere manier van muziek maken. Martin Hewett van Sony vertelde dat ze artiesten benaderen om te vragen of ze het nummer mogen gebruiken, óf om te vragen of ze speciaal een nummer voor een bepaalde game te maken. Daarbij speelt natuurlijk ook het soort game mee. Voor een kindergame heb je natuurlijk andere muziek dan voor een Fifa of een Wipeout.

Na deze sessie ging ik naar de ‘hotelkamer’. In een ontspannen setting met 20 man publiek vertelde Mental Theo zijn verhaal. Hoe het vroeger ging, van de maak van Wonderfull Days (via een sample van Tony Ronald) tot het wereldwijd toeren, en dat hij nu ouder en wijzer is geworden. Hij vertelde over Mental Theo on the Road, dat het vooral was gemaakt voor de thuisblijvers en dat hij toch zijn zo graag gewilde nummer 1 hit heeft gescoord met de Engelse versie van Boten Anna. Tegenwoordig houdt hij zich bezig met ‘echte muziek’, zoals hij dat noemt. Hij is er achter gekomen hoe studiomuzikanten werken en dat akoestische nummers veel meer emotie hebben. Daarnaast is hij zich heel bewust van de kracht van internet en Youtube als marketinginstrument. Tot slot vertelt hij dat je tegenwoordig met geld een hit kan kopen en dat hij als DJ niet meer zelf zijn platen uit mag kiezen.

Als laatste en twaalfde sessie in vier dagen ging ik naar Off The Record: Music in the digital Age. Dit ging over hoe labels tegenwoordig werken. Het uitbrengen van platen gaat anders dan vroeger, met de keuze voor digitale downloads wat scheelt in de verspreiding. Hierbij scheelt het wel per genre of uitbrengen op vinyl de moeite loont. Marsel van Delsin Records vertelt tussen neus en lippen door dat hij piraterij en filesharing tolereert omdat het ook een vorm van promotie van zijn materiaal is. Zelfs de advocaat Bjorn Schipper ging erin mee, en vertelde dat je vooral genoeg legale alternatieven moet bieden. Vooral de oudere generatie is zeker nog wel bereid om te betalen voor hun muziek. Zorg dus dat je je muziek in iTunes of Beatport krijgt. Ook gaat het panel nog even in op promo’s en hoe je als beginnende producer jezelf het beste kan pitchen. Wederom een interessante sessie dus en een waardige afsluiting van vier dagen conferentie. Het was het geld helemaal waard en ik heb heel veel geleerd over de muziekbranche en hoe verschillende partijen tegen elkaar aankijken.

Charlie Lownoise & Mental Theo – Wonderfull Days

Tony Ronald – Help, Get Me Some Help

ADE: de eerste twee dagen

Dit weekend is het jaarlijkse Amsterdam Dance Event. Het is een ‘international conference and festival for electronic music’ en daar moet ik natuurlijk bij zijn. De meesten kennen het festival vanwege de feestjes. Daarmee is niets teveel gezegd, want die zijn er. En veel! Zo’n 200 feesten door de hele stad met vrijwel alle belangrijke DJ’s en producers uit de dancewereld. Als Delegate (want dat ben ik, ik heb een kaartje gekocht) kan ik naar het hele festival en naar alle feestjes. En dat levert veel op.

Zo ben ik woensdag begonnen met een keynote van Topspin over marketing, daarna volgde een sessie met twee jongens die verantwoordelijk zijn voor de muziek in o.a. CSI en Entourage en hoe dat nou werkt, en tot slot ging ik bij Dave Clarke langs die het met wat mensen had over hoe je als beginnende producer je muziek bij een label of DJ krijgt. Er zijn zelfs mensen die voor 10 pro-DJ’s al het ingezonden spul luisteren en dan de beste muziek doorspelen aan de DJ. Een soort poortwachters. De beste tip die ik er hoorde was: zorg dat je mp3’s goed gelabeld zijn en in de hoogst mogelijke kwaliteit. En zet je contactgegevens in de metatags.

Gisteren startte ik met Scott Snibbe, die de Björk-app heeft gebouwd. Hij liet een paar gave voorbeelden zien van apps, zoals OscilloScoop en Bubble Harp, maar het leukste was natuurlijk de Björk App. Erg tof allemaal.

Daarna volgde de state of the Dutch music startups, met 22tracks, shuffler en red light radio. Weinig nieuws gehoord, maar wel een leuke quote: “first hack and deal with the constraints later”, van Tim Heikene (shuffler). Daarna nog even aangeschoven bij Simon Dunmore van Defected, die uit de doeken deed hoe hij zover is gekomen en dat ze heel veel tracks die ze uitbrengen recyclen op verzamelalbums voor de massa, en dat de promotie tegenwoordig heel anders gaat omdat er veel sneller dingen uit lekken. Wel mooi om te horen dat dat uitlekken voor- en nadelen heeft. Okay, het kost verkopen maar het levert uiteindelijk wel weer bookings en aanvragen op, uit landen zoals Rusland en Venezuela, waar ze anders nooit zouden komen.

Na al deze informatie, besloot ik om samen met medeblogger Fedde naar de Pioneer borrel te gaan. In Brug9 (onder het beeld van Multatuli vlak bij de Dam genoten we van een drankje en miss Nine, en luisterden we naar uitleg over draaitafels. Heel interessant. Maar toen kwam er ineens een verrassing: niemand minder dan Carl Cox (de eerste nummer 1 DJ van de wereld volgens DJMag) kwam langs om even te draaien. Hij bleek het zelf aangeboden te hebben, omdat hij zo’n goede band met Pioneer heeft. En zo sta je dus ineens met 40 man te luisteren naar een DJ die gewend is om voor duizenden te draaien en vorig jaar nog A Day In The Park afsloot. Een kadootje waardoor het weekend nu al geslaagd is.

Carl Cox – Hardcore Massif!

Audio, Video, Disco

Volgende week komt het nieuwe album van Justice uit. Audio, Video, Disco heet het en het is inderdaad een echte discoplaat. Het mengt lekkere beats met gitaren, een beetje zoals Daft Punk dat deed op Human After All, en in mindere mate op Discovery.

Het resultaat is heel anders dan hun vorige plaat Cross, maar toch onmiskenbaar Justice. De manier van produceren, de instrumenten die ze gebruiken laat zien dat ze gegroeid zijn. Soms vliegt het nog stevig uit de bocht, zoals in Civilization, maar gelukkig gaat het meer en meer richting disco. Helix is wat mij betreft een van de hoogtepunten van de plaat. Catchy als een malle, en een aanstekelijke tegenmelodie die me doet denken aan Daft Punk’s Digital Love. Een instant klassieker.

Een ander bijzonder nummer op de plaat is Ohio. Geïnspireerd op de harmonieën van Queen is het een nummer met een heel ander tempo en gevoel dan de rest van de plaat. Justice laat merken dat ze meer kunnen dan alleen maar dansvloer-stampers maken. Een bijzondere ontwikkeling waarvan ik benieuwd ben waar het gaat eindigen. Ga die plaat luisteren!

Justice – Helix

Justice – Ohio